top of page

Knappe roman die dit jaar Aan het einde van de oorlog van Bert Natter overtreft. In 630 bladzijden leef je mee met de laatste dag van de Tweede Wereldoorlog in en rond een concentratiekamp. Daar gebeuren allerlei dingen waar je buikpijn van krijgt, toch kun je niet stoppen met lezen. Zo gaat het nu eenmaal, bij dit soort ellende kun je niet wegkijken.


Van de achterflap:

De elfjarige Ernst, zoon van ss-Oberstormführer Karl Zehlendorf, raakt vermist in de buurt van een concentratiekamp. Zijn broer Reinhart beweert hem te hebben achtergelaten aan de oever van het verraderlijk diepe meer, waar ze aan het vissen waren. Hij zal toch niet in het water zijn gevallen? Terwijl de geallieerde legers in de verte al te horen zijn en iedereen in het kamp beseft dat het einde van de oorlog nabij is, gaat Karl op zoek naar zijn zoon.

Nu weet je in elk geval iets over de rode draad die door het boek loopt, maar er gebeurt zoveel meer. In totaal lees je mee vanuit de oogpunten van 31 personages, in minihoofdstukken die elkaar constant afwisselen. Dat klinkt overweldigend, maar het is zo vernuftig gedaan dat je nooit de draad kwijtraakt. En omdat Natter constant kleine cliffhangertjes plaatst, kun je niet stoppen.


Het boek is zo heftig als je kan verwachten van een verhaal dat zich in en om een concentratiekamp afspeelt. "Het hele boek is doordesemd van de lucht van verbrande mensen", zegt Natter in de podcast Nooit Meer Slapen. En iedereen daaromheen stopt het weg, alsof er niets gebeurt. De schoorsteen die maar smerige rook blijft uitspugen? Dat zal wel een bakkerij zijn. Het boek lijkt qua toon regelmatig op de film The Zone of Interest. "Het is hier best mooi als je niet gedwongen bent er te wonen", denkt de vrouw van Karl in haar villa nabij het kamp.


Natter zet constant verre uitersten tegenover elkaar. Karl zorgt voor de uitroeiing van duizenden mensen, maar keer op keer blijkt hij meer met de Joodse mensen in het kamp overeen te hebben dan met zijn Nazi-collega's. Tijdens zijn zoektocht naar Ernst verzeilt Karl in de ene na de andere afleiding, om maar geen conclusies te hoeven trekken. Het is bijna onderduiken ín het concentratiekamp.


Aan het einde van de oorlog verplettert, is bij vlagen schokkend en intens. Maar Natter beschrijft het op een tragikomische manier. Hij zet dik aan, de Nazi's zijn bijna theatraal slecht. Hun daden grotesk. Natter deelt speldenprikjes uit en voert running gags op. Op het einde krijgt een Nazi zijn verdiende loon en een trap na waar ik smakelijk om zat te lachen. Zo zet Natter je ook steeds met beide benen op de grond. Zit ik nou te lachen om een boek over de concentratiekamp? Zit ik me nou te verlekkeren aan cliffhangers? Waanzinnig boek.


 

Na The Remarkable Life of Ibelin is er weer een feelgood-documentaire over een online community: Grand Theft Hamlet. Twee toneelacteurs die werkloos thuis zaten tijdens de covid-pandemie kwamen op het lumineuze idee om Shakespeare op te voeren in GTA Online. Dat blijkt nog niet zo simpel om te organiseren, want zoals een van hen in de film zegt, als je een venndiagram zou maken van Shakespeare-liefhebbers en GTA-spelers, heb je weinig overlap.


De audities om medespelers voor Hamlet te vinden, verlopen moeizaam. Steeds als de regisseurs iemand benaderen, ontaardt de ontmoeting in een virtuele schietpartij. Grote ontploffingen, politie erbij. Hilarisch natuurlijk. De chaotische spelwereld van GTA, waarin alles mogelijk is, leent zich absoluut niet voor zo'n kunstzinnige project. Precies daarom is het idee zo goed.


Langzaam maar zeker druppelen er tóch mensen binnen die deel willen uitmaken van dit verhaal. Mooi is het moment dat een passant met de naam Parteb, in een groen alienkostuum, de audities treft. Een van de acteurs vraagt hem of hij ook iets van Shakespeare wil citeren. In plaats daarvan citeert de man, die vanwege zijn Fins-Tunesische afkomst bang is niet goed Engels te spreken en bovendien niets van Shakespeare kent, in het Arabisch een stuk uit de Koran. De aanwezigen zijn zo vriendelijk en aanmoedigend, dat Parteb tijdens de rest van het project een beetje blijft rondhangen.


Dit soort willekeurige ontmoetingen laten precies de kracht zien van online games en de gemeenschappen die er ontstaan. Het zijn dit soort momenten die van Grand Theft Hamlet de moeite waard maken. De momenten waarin de makers duidelijk volgens een script werken om iets van een spanningsboog te forceren, zijn wat minder geslaagd.



 

III.

Craig Mod schrijft over vuilnis: "Grappig hoe dat gaat met Snickers. Als je een reep eet, verandert de verpakking van handig naar rommel." In Japan vind je geen vuilnisbakken op straat, wat betekent dat je je eigen rotzooi meeneemt en het thuis weggooit. Dat maakt je iets bewuster van de aankopen die je aan de lopende band doet in deze consumptiemaatschappij.


En het maakt mensen verantwoordelijk voor hun eigen afval. Zo hoort het, vindt Mod, die verder orakelt over hoe gemak leidt tot domheid.

The modern condition consists of a constant self-infantilization, of any number of "non-adulting" activities. The main being, of course, plugging into a dopamine casino right before going to sleep and right upon waking up. At least a morning cigarette habit in 1976 gave one time to look at the world in front of one's eyes (and a gentle nicotine buzz). Other non-adulting activities include relinquishment of general attention, concentration, and critical thinking capabilities. The desire for deus ex machina style political intercession that belies the complexities of real-world systems. Easy answers, easy solutions to problems of unfathomable scale. Scientific retardation because it "feels" good. Deliverance — deliverance! — now, with as little effort as possible.

 

PS.

Vox legt uit hoe het digitaal verjongen van acteurs in films de afgelopen jaren is verbeterd. Deze techniek is super ingewikkeld om goed te doen. "Als je naar iemand kijkt en er klopt iets niet aan het gezicht, denken we meteen: die persoon is ziek", legt Kevin Baillie uit, verantwoordelijk voor de visuele trucage in de film Here, waarin acteurs als Tom Hanks en Robin Wright jonger én ouder zijn gemaakt met de computer.



 

Uit de nieuwsbrief van Hay Kranen: Waarom kunst nodig is. "Een klassiek voorbeeld is iemand uit te leggen wat 'de kleur rood' is. Dat kan je alleen maar doen door naar objecten te wijzen die rood zijn. Hetzelfde geldt voor geuren of smaken. Denk maar eens aan hoe vinologen de smaak van wijn beschrijven: 'intens boeket van sigaar en kruidnagel met tweede noten van leer en geglazuurd rood fruit en goed gestructureerde tannines'."


 

Potje jeugdsentiment: Samurai Pizza Cats. Een animéserie over drie cyborgkatten die overdag in een pizzeria werken en 's avonds tegen het kwaad vechten om hun stad te beschermen. De serie zit vol parodiërende grappen en verwijzingen naar popcultuur. Hoewel er al decennia geen nieuwe afleveringen meer zijn gemaakt, verschijnt er nu wel een game. De trailer ademt nostalgie (de ondertitel is niet voor niks Blast from the Past).



 

Het Nederlands onderzoeksinstituut Waag Futurelab, gericht op tech, kunst en samenleving, bestaat 30 jaar. Ter ere van dat jubileum kun je het boek Het internet is stuk van directeur Marleen Stikker gratis downloaden. Da's een aanrader, Stikker legt daarin haarfijn uit hoe het veelbelovende internet uit de jaren negentig werd gekaapt door Big Tech. Het is geen complete downer, de schrijfster legt ook uit hoe we het internet weer kunnen terugwinnen.


 

Ik lees vaak de stukjes van schrijver Henk van Straten in mijn mail. Ik wilde linken, maar ik heb geen idee waar je kunt abonneren - als hij überhaupt nog ergens actief lezers werft. Als uitsmijter voor deze week kopieer ik dan maar in het wild twee alinea's uit zijn nieuwste tekst Killer drones & een elektrisch kacheltje:

Trump zegt: 'Oekraïne had Rusland niet moeten aanvallen, had de oorlog nooit moeten starten.' Het went gewoon niet, de schaamteloosheid. Je denkt dat het went, maar dan komt er nog een schepje bovenop. Van boeken als 1984 dacht ik altijd: door het zo te overdrijven leg je een subtielere werkelijkheid bloot. Maar het kan dus echt zo gebeuren, zonder overdrijving. Je kunt gewoon zeggen: de lucht is groen, en dan de mensen ontslaan/ aanklagen/ etc. die blijven beweren dat de lucht blauw is. Op een gegeven moment mag je zelfs niet meer dénken dat de lucht blauw is, en om die wet te handhaven heb je dan, zoals in 1984, thought police.  Het is jammer dat elke vergelijking met 1984 al meteen tandeloos aanvoelt. De zóveelste vergelijking met dat boek. Welja, haal 1984 er maar weer bij! Dat is het lastige: er zijn geen vergelijkingen meer te verzinnen—niet met boeken, niet met historische gebeurtenissen—die nog indruk maken. We zijn er voorbij, dat punt. Het is als een droom waarin je wel je mond opendoet om iets te zeggen maar geen geluid kunt maken. Je paniek kan nergens heen, bereikt niemand.

 

Je las mijn weblog van 17 tot en met 23 februari 2025. Abonneer je op mijn gratis nieuwsbrief om deze blog elke zondag in je mailbox te ontvangen.

Bijgewerkt op: 16 feb


Er is een nieuwe film over Bob Dylan en de titel A Complete Unknown is goed gekozen. Na afloop blijft het mysterie rond de zanger (gelukkig) in stand. Het wordt hem in de film een paar keer voor de voeten geworpen: wat wil je nou eigenlijk? Wie bén jij?


Timothée Chalamet vertolkt een goede Dylan. Een goede versie van het personage Dylan, moet ik zeggen. Chalamet speelt en zingt alle liedjes - en dat zijn er veel - bijzonder overtuigend. Hij maakt er zijn eigen ding van en blijft tegelijk dicht bij het originele werk zonder een typetje neer te zetten. Ook de andere personages doen het goed, vooral Edward Norton die schittert in zijn bijrol als Pete Seeger.


De film begint met Dylan die in 1961 met enkel een gitaar aankomt in New York. Hij bezoekt zijn muzikale held Woody Guthrie in het ziekenhuis, laat hem zijn ontroerende Song To Woody horen en kan daarna overnachten bij Seeger, zelf een grootheid in de folkmuziek. Seeger hoort het talent van Dylan en neemt hem mee naar cafés in de kunstenaarswijk Greenwich Village, waar hij regelmatig optreedt. Daar treft Dylan zijn muze Joan Baez. Zij is dan al een gevestigde artiest en omdat ze veel samen spelen en zij ook werk van Dylan omarmt, bloeit de carrière van Dylan op.


In een sneltreinvaart toont de film hoe dat gaat. De film slaat bij de totstandkoming van het fenomeen Bob Dylan van alles over, veegt losstaande gebeurtenissen op een hoop en neemt zo nogal wat creatieve vrijheid om het verhaal te vertellen. Ik kan een A4tje volpennen met dingen die niet kloppen, maar voor de puristen zoals ik bestaat de uitstekende Martin Scorsese-documentaire No Direction Home. Regisseur James Mangold is voor A Complete Unknown niet op zoek naar waarheidsvinding en maakt bovenal een speelfilm met een zekere spanningsboog die ook nieuwkomers zal aanspreken. Ik zie deze film daarom ook als een nieuw laagje rond de toch al dikke ui die de precieze herkomst van Dylan steeds verder vertroebelt.


Mangold maakte een klassieke biopic, zoals ze twintig jaar geleden werden gemaakt. Er is niks subtiels aan, maar het werkt wel. Uiteindelijk gaat de film vooral over een artiest die ontsnapt aan een keurslijf en ondanks alles zijn eigen pad volgt. Er is niets erger dan een gearriveerde artiest, zegt Dylan zelf in No Direction Home. "Je moet constant bezig blijven om iets te 'worden'."


Liefhebbers van ouder werk zullen dat niet altijd waarderen. Dylan kreeg bakken met haat over zich heen toen hij besloot zich af te zetten van zijn imago als folk- en protestzanger. Later in zijn carrière veranderde hij nog talloze keren van stem en identiteit. In No Direction Home zie je hoe de jonge Dylan omringd wordt door mensen die hem naar de mond praten en lachen om al zijn grappen. Als hij uitgejouwd wordt, zie je hem op het podium een tandje bij schakelen. Alsof hij er energie uit haalt. "Het boegeroep... Ik zag het anders", blikt Dylan terug. "Je moet je realiseren dat ook aardigheid iemand kan verstikken."



 

Martin Bril schreef altijd zo mooi over het enigma Bob Dylan. "Dylan is van alle popsterren die de wereld inmiddels kent de minst bekende, hoewel er een boekenkast over hem vol is geschreven", viel hem op. "Niemand weet wat hem drijft, alles is speculatie. Je kunt in de carrière en het oeuvre van Bob Dylan net zo intensief hengelen als in de Beulakerwijde - en net zo weinig vangen."


Ik zocht naar wat oude berichten van Bril en trof de website van mijn favoriete Nederlandse columnist in abominabele staat aan. Waarschijnlijk werd de site na de dood van Bril verkocht en heeft de nieuwe eigenaar hem laten verslonzen. Op zijn minst eeuwig zonde, we zijn er een schatkist aan columns aan verloren. Gelukkig is via de Wayback Machine alsnog veel bewaard.


Goed, terug naar Bob Dylan. Brils column 'Dylan door een verrekijker' bleef me altijd bij. In het verhaal staat Bril tijdens een concert naar Dylan te kijken maar hij ziet hem niet. Een witte hoed kaatst al het licht van hem af. Al sta je er met je neus bovenop, Dylan blijft ongrijpbaar. En de muziek biedt ook al geen houvast.


"[Het is] een enorm oeuvre", schrijft Bril. "Maar altijd is hij bezig dat oeuvre te veranderen, aan te passen, om te gooien, te verloochenen, te verdiepen, aan te scherpen, in een ander licht te zetten, nieuw licht, duister licht, of, zoals vanavond, spetterend helder, adembenemend wit licht, ik zou bijna zeggen: eeuwig licht."


Als Dylan-fan blijf je zoeken. Naar wat eigenlijk? "Daarom staan we straks weer (wij ook) in die akelige Heineken Music Hall", schrijft Bril begin april 2009. Hij was uiteindelijk te ziek om te gaan, het werd mijn eerste Dylan-concert. "In de hoop dat we iets voorbij te zullen horen komen, of zien, dat in één magnifieke flits het raadsel Dylan ontsluitert." Dat gebeurde natuurlijk niet, het is een verlangen waarvan je stiekem niet wil dat ie ooit wordt vervuld. Bob blijft A Complete Unknown. En dat op zich is de aantrekkingskracht.


 

Een nieuw nummer van Bon Iver is al fijn en het wordt alleen maar beter als John Wilson van de werkelijk fantastische komische documentaireserie How To with John Wilson er de video bij maakt. Good stuff.



 


 

Er is een anonieme kunstenaar die al tien jaar lang (3.661 dagen) elke dag een tekening van de Titanic online zet. De nieuwsbrief Night Water heeft een kort interview met de maker. "Een paar jaar geleden zei iemand dat mijn tekeningen nooit 'beter worden'", zegt de kunstenaar. "Dat raakte me wel. De bedoeling is helemaal niet om beter te worden in het tekenen van de Titanic. Dit project draait om het elke dag tekenen van de Titanic, punt uit."


 

YouTuber Liam Thompson gebruikt een week lang alleen technologie uit de jaren '50 en maakt daar (met antiek spul dus) een vlog over. Nu barst het op de videodienst van dit soort belachelijke experimenten, maar deze vond ik goed gedaan en mooi in beeld gebracht.



 

Er zijn nog steeds jongeren die bewust kiezen om zonder smartphone door het leven te gaan. Schrijver Alex Vadukul van The New York Times schreef drie jaar geleden over een groep tieners uit Brooklyn die zich The Luddite Club noemt en zich voor zover mogelijk afsluit van technologie. Vadukul zocht hen recent op om te zien of de clubleden het nog steeds volhouden. "Het was geweldig voor mijn sociale leven op de middelbare school", zegt een van hen. "Niemand vindt me een freak. We improviseren, organiseren rapbattles en maken samen zines." Klinkt heerlijk.


 

Je las mijn weblog van 10 tot en met 16 februari 2025. Abonneer je op mijn gratis nieuwsbrief om deze blog elke zondag in je mailbox te ontvangen.

Bijgewerkt op: 9 feb

Ebene Landschaft (Flat Landscape) (1924), Paul Klee
Ebene Landschaft (Flat Landscape) (1924), Paul Klee
I.

Voor de honderdste week op rij kruip ik achter mijn laptop om op dit weblog te schrijven. Mijn mini-universum, een eiland in de online oceaan. Ik had niet verwacht dat ik dit na bijna twee jaar nog steeds zou doen. Op mijn werkkamer liggen talloze halfgevulde (niet halflege) schets- en notitieboeken. De onuitlegbare drang om te schrijven waar ik mee bezig ben was er altijd al, maar de discipline ontbrak.


Op sociale media (daar moeten we eens een ander woord voor verzinnen) kan dat al lang niet meer. Die platforms bestaan uit polarisatie, bewijsdrang en ragebait. Als dat de vrijheid is die Elon Musk en Mark Zuckerberg voor ogen hebben, vergeet dan niet dat dat vooral hún vrijheid is. Om chaos te zaaien en geld te verdienen. Een eigen blog is Dikke Pech voor Big Tech.


Ik las een bericht van de Italiaanse blogger Manuel Moreale die in hetzelfde gelooft als ik:

The more I look around the web the more I’m convinced we should all treasure our own tiny corners of the web. My site is precious. Precious for me. It is mine to do what I want. I can build it, I can destroy it, I can shape it, I can let it rot. I can change it or let it stay still. I can make it super busy or let it go dormant. I can make it welcoming or hostile. I’m in charge of all those decisions and no one can come here and tell me what I should do with it. The only moderation rules are the ones dictated by my morals and I own the responsibility of my words. My name is on it, my face is on it. I write and say the things I want to write and say at this very specific moment in time, based on the person I am and the things I believe in, and no one can force me to do otherwise. There’s something incredibly liberating about all this.

 

II.

Ondertussen is mijn relatie met sociale media, zoals je op Facebook zou zeggen, ingewikkeld. Ik vind het leuk om een fotootje te delen op Instagram en een linkje op Bluesky. En er zijn nog steeds genoeg mensen (mij bekend en onbekend) die met hun berichten inspireren of vermaken. Het probleem is dat je de rest van de ellende er gratis bij krijgt. Alsof je voor een frisse duik in de Waal springt en je wordt meegesleurd door een stroming waar je niet tegenin kunt zwemmen.


De blogger So1o uit Hongkong, wiens naam mij verder onbekend is, schrijft dat zijn kleine website de enige plek is waar hij zich helemaal op zijn gemak voelt:

You’ve the freedom to express yourselves on social platforms. Right. But on the other hand, it’s like vomiting your thoughts, publicly. The worst part is ain’t no one is going to clean up the mess for you. Why are we always wanting to yap about all sorts of things to avoid the awkward silence? So much noise, too many opinions. Could we just enjoy the peace? (...) I hereby grant you the permission to permit me to stay away from all that shitstorm but live like a caveman.

 

III.

Mijn huidige manier van bloggen werkt voor mij en is supersimpel. Een klein kijkje achter de schermen.


In het programma Notion (op Mac en iPhone) houd ik een lijstje open dat ik constant aanvul met linkjes en gedachten. Meestal zet ik er per punt een aantekening of enkele sleutelwoorden bij zodat ik weet wat ik er ongeveer over wil zeggen. Zo verzamel ik een week lang van alles wat, als in een commonplace diary. Wat dat betreft is Notion het notitieboek met ideeën geworden dat ik offline nooit volhield.


Ik ben met Notion rigoureus. Als mijn blog af is, verwijder ik de lijst van afgelopen week (ook de dingen die de blog niet hebben gehaald) en begin ik opnieuw. Ik bewaar niks. Notion is vluchtig, de blog blijft.


Het mooiste is dat ik kan doen wat ik wil. Mijn interesses zijn breed maar enigszins in te kaderen binnen internet, cultuur en gecombineerd als internetcultuur. Ik probeer de hoofdstukjes in mijn blogs kort te houden, al ben ik door de jaren heen iets langer van stof geworden. Daar zit misschien nog wel een project in voor mijn website in de toekomst: een fastlane met korte stukjes (wat je onder het kopje PS vindt in deze blogs) en een slowlane met iets meer ruimte voor tekst. Of ergens een lijstje met blogs die ik zelf lees. Losse flodders van ideeën. Ook dat is leuk aan je eigen blog: je blijft eraan pielen.


Om het bloggen vol te houden helpt het mij om een stok achter de deur te hebben. Dat is de nieuwsbrief waarin ik op zondag mijn blog uitstuur. Mijn zelfverzonnen deadline geef ik nu, na hem honderd keer achter elkaar te halen, niet ineens meer op.


 

PS.

Ezra Klein over Donald Trump: 'Geloof hem niet". Volgens Klein wilde Trump nooit president worden, maar koning. En als Trump blijft volhouden dat hij een koning is, gaat het volk het geloven.



 

Nog even over sociale media, dit fijne artikel van 404media over hoe techbedrijven ons gevangen proberen te houden in een oneindige doomscroll. Met rake woorden van socioloog Katherine Cross: "For most people, social media gives you this sense that unless you care about everything, you care about nothing. You must try to swallow the world while it’s on fire. But we didn’t evolve to be able to absorb this much info. It makes you devalue the work you can do in your community."


 

Fraaie video voor twee liedjes van Eefje de Visser: Beeld Hangt Stil en Hoor Je Het Hart Kloppen.



 

De eerste trailer voor de nieuwe Fantastic Four-film is uit. Het wordt de derde poging van Marvel om het superheldenteam (mijn favoriet uit de Marvel-stal) van een goede film te voorzien. Ik ben enthousiast. De cast is ook niet mis. Pedro Pascal, Vanessa Kirby, Joseph Quinn en Ebon Moss-Bachrach als de helden en verder rollen voor onder anderen Ralph Ineson en John Malkovich.



 

Een opvallende Grammy-winnaar in de categorie Rock. Dat is Now and Then, het allerlaatste liedje van The Beatles. Voor het liedje werd kunstmatige intelligentie gebruikt om een krakerige demo van John Lennon op te poetsen. Paul McCartney zei recent dat je met AI geweldige dingen kunt doen. "We pakten de cassette en poetsten de stem van John Lennon op zodat het leek alsof die gisteren opgenomen was", zei hij. Volgens hem kan AI heel nuttig zijn, zolang het niet steelt van creatievelingen. "In dit geval was het nummer daadwerkelijk door John gezongen. Hij zat in The Beatles en zijn weduwe gaf ons het bandje. Er was geen gedoe met auteursrechten. Maar je kunt mij op het internet ook God Only Knows van The Beach Boys horen zingen terwijl ik dat nooit heb gezongen. Het liedje is gemaakt met AI. En iemand krijgt ervoor betaald, maar ik ben het niet."



 

Je las mijn weblog van 3 tot en met 9 februari 2025. Abonneer je op mijn gratis nieuwsbrief om deze blog elke zondag in je mailbox te ontvangen.

© 2022 Rutger Otto

bottom of page